Carmen had een goed leven in de Oostvaaredsrplassen, tientallen kadavers lagen er verspreid over het gebied klaar. Ze hoefde geen grote einde te vliegen om aan voedsel te komen, gewoon lopend en huppend van het ene naar het andere karkas. De nachten bracht ze door op een kunstnest wat voor visarenden was gebouwd, boswachters van de Oostvaardersplassen dachten er wel eens aan om een tweede monniksgier los te laten zodat er een paar zou ontstaan. Volgens ecoloog Frans Vera zouden monniksgieren in het verleden in Nederland gebroed hebben en betekende de komst van Carmen de start van een nieuwe kolonisatie. Het mocht niet zo zijn...
Monniksgier Carmen aan de zuidzijde van de Oostvaardersplassen